Progestagenen
Progestagenen zijn ofwel van natuurlijke oorsprong zoals het progesteron ofwel zijn het synthetische derivaten van progesteron of 17-hydroxyprogesteron. Bepaalde derivaten van testosteron of van nortestosteron vertonen een hoge progestagene activiteit door de substitutie van bepaalde groepen in deze moleculen (vb. altrenogest).
Specialiteiten met:
Progesteronderivaten
Androgeenderivaten met progesteronactiviteit
Indicaties
Paard, Rund, Varken, Kleine herkauwers, Carnivoren
Paard
Altrenogest (allyl-trenbolone) wordt bij het paard gebruikt voor de volgende indicaties:
- Het synchroniseren of induceren van bronst.
- De behandeling van merries met multifolliculaire ovaria.
- Preventie van vroege abortus of embryonale sterfte. Voor de werkzaamheid van altrenogest voor deze indicatie liggen tot op heden onvoldoende bewijzen voor.
Rund
Een vaginaal toedieningssysteem (spiraal) met progesteron kan bij cyclerende koeien toegediend worden voor de synchronisatie van de oestrus. De spiraal kan worden aangebracht minimum 35 d na het kalven en wordt na 7 dagen verwijderd. Opdat de behandeling bij alle behandelde dieren een oestrus zou induceren is het noodzakelijk dat de progesteronbehandeling wordt vergezeld door een injectie met prostaglandine 24 h vóór de spiraal wordt verwijderd.
Varken
Bij het varken zijn de indicaties waarvoor altrenogest kan worden gebruikt:
- Oesrussynchronisatie van cyclische gelten. De toediening van altrenogest gedurende 18 dagen via het voeder leidt 5 tot 6 dagen na het stopzetten van de behandeling tot een fertiele bronst.
- Oestrussynchronisatie van primipare zeugen. Wordt altrenogest toegediend via het voeder gedurende 3 dagen vanaf speendatum dan ontstaat na enkele dagen een fertiele bronst. Bij de daarop volgende worp kan het aantal levend geboren biggen verhoogd zijn.
Kleine herkauwers
Geen specialiteiten beschikbaar.
Carnivoren
- Preventie en suppressie van de oestrus. Oestrussuppressie steunt op de inhibitie van gonadotrofinen bij de aanvang van de pro-oestrus. Oestruspreventie daarentegen verhindert het optreden van opeenvolgende oestri. Oestrussuppressie mag uitsluitend worden uitgevoerd tijdens de 2 tot 3 eerste dagen van de pro-oestrus. Oestruspreventie dient te gebeuren tijdens de anoestrus en ten laatste een maand voor de verwachte loopsheid. - Bij een vermoeden van hypoluteïnisme met abortus gedurende het tweede derde van de dracht kan de toediening van een lage dosis progesteron of progesteronderivaat nuttig zijn. - Progestagenen met een anti-androgene activiteit, zoals delmadinonacetaat, zijn aangewezen voor de behandeling van prostaathyperplasie. Deze stoffen veroorzaken een snelle involutie van de prostaat. Idealiter dient hun gebruik te worden beperkt tot een of twee toedieningen, gevolgd door een langdurige toediening van een inhibitor van het 5-alfa-reductase. Hierdoor wordt het effect van testosteron op de prostaat afgeremd zonder dat de libido of het gedrag wordt gewijzigd. De gebruikte progestagenen dienen aan een voldoende hoge dosis te worden toegediend om enig effect te sorteren. - Delmadinonacetaat dat een uitgesproken anti-androgene activiteit bezit kan worden toegediend in gevallen van hyperseksualiteit, bepaalde gevallen van agressiviteit en bepaalde vormen van pruritis resistent aan een behandeling met corticoïden. - Progestagenen kunnen tenslotte ook worden toegediend voor de behandeling van bepaalde circumanale tumoren. (Zie ook Folia Veterinaria 2007, nr.1)

Farmacodynamie
Progesteron wordt in het lichaam gesynthetiseerd ter hoogte van het corpus luteum, de testes, de bijnieren en de placenta. Progestagenen voorkomen de vrijstelling van GnRH waardoor ovulaties worden verhinderd, stimuleren de endometriumproliferatie en remmen uteruscontracties.
Farmacokinetiek
Na orale toediening zal het natuurlijke progesteron een belangrijk first pass effect ondergaan ter hoogte van de lever. De biologische beschikbaarheid van de synthetische stoffen is meestal beter. De toediening kan ook parenteraal of intravaginaal gebeuren. Eenmaal in de bloedbaan binden deze stoffen zich aan verschillende plasma-eiwitten zoals het transcortine en albumine. Het belang van deze eiwitbinding en de aard en het belang van een bepaald transporteiwit wordt bepaald door de diersoort.
Contra-indicaties
Progestagenen worden meestal niet aangewend tijdens de dracht, al kan hun toediening een voortijdige partus verhinderen. Een verkeerdelijke toediening tijdens de dracht zou kunnen leiden tot cryptorchidie of andere afwijkingen die kunnen optreden tijdens de geslachtsdifferentiatie, afwijkende geboortegewichten, uitstel of totale inhibitie van de partus. Het gebruik van injecteerbare progestagenen of van progestagenen met een langere werkingsduur dient dan ook vermeden te worden tijdens de dracht.
Bijwerkingen
Progestagenen die in het algemeen aan dosissen worden gegeven die boven de fysiologische grens liggen, veroorzaken bijwerkingen die te wijten zijn aan hun effect op het metabolisme, de bijnierschors, de pancreas en de uterus. Naargelang de molecule en de diersoort kunnen ze aanleiding geven tot gewichtstoename, glucose-intolerantie en diabetes mellitus en hypercortisolisme (Cushing). Daarom wordt hun gebruik tijdens bepaalde fysiologische of pathologische toestanden zoals diabetes mellitus, hormoonafhankelijke tumoren en infecties van het voortplantingsstelsel, afgeraden. Daar deze stoffen bij kleine huisdieren predisponerend zijn voor het ontstaan van uteriene infecties en tumorale processen, voornamelijk van de melkklieren, moet het langdurig en herhaaldelijk gebruik van deze stoffen bij deze dieren om de oestrus te verhinderen met de nodige voorzichtigheid gebeuren (zie Folia Veterinaria 2007 nr. 1). Bij het mannelijk dier leidt het herhaaldelijk gebruik van progestagenen aan hoge dosissen tot vruchtbaarheidsstoornissen en een gewijzigd voortplantingsgedrag. Continue toediening leidt in bepaalde gevallen tot gynaecomastie, mammatumoren en stimulatie van de melksecretie.
Interacties
Bij gelijktijdig gebruik van gestagenen met glucocorticoïden kan een adrenocorticale suppressie en diabetes mellitus verergeren.
Voorzorgen bij het gebruik
In de bijsluiter van een altrenogestspecialiteit wordt gewezen op de risico’s van het hanteren van deze specialiteit door bepaalde mensen; zwangere vrouwen of vrouwen die zwanger kunnen zijn, mensen met progesteron-afhankelijke tumoren of trombo-embolische aandoeningen mogen het product niet toedienen.
Dracht en lactatie
Zie Contra-indicaties.

Progesteronderivaten :
Progesteron
- CIDR (Pfizer A. H.)
- progesteron: 1,38 g
- applicator voor intravaginaal gebruik
- Posologie:
- Bo: 1,38 g/dier (7 d)
- Vlees: 0 d, Melk: 0 d
Gedurende de behandeling kan de melk gebruikt worden voor humane consumptie - applic 10
- R/
- PRID alpha (CEVA Santé Animale) - Bijsluiter via HMA -
- progesteron: 1,55 g/spiraal
- spiraal voor intravaginaal gebruik
- Posologie:
- Bo (min 35 d na kalven): 1,55 g/dier (7d)
Prostaglandines toedienen 24 h voor de spiraal verwijderd wordt, bij niet cyclerende Bo ook eCG (ofwel PMSG) injectie tijdens verwijdering - Vlees + organen: 0 d, Melk: 0 d, vlees en melk mogen tijdens de behandelingsperiode afgeleverd worden voor humane consumptie
- spiraal 10
voorgerolde spiraal 10 - R/

Megestrolacetaat
- CHRONOPIL (CEVA Santé Animale)
- megestrolacetaat: 2 mg
- tablet po
- Posologie:
- Fe: 2 mg/w (max 12 m)
- tabl 30, 500
- R/
- MEGECAT (Vétoquinol)
- megestrolacetaat: 5 mg
- tablet po
- Posologie:
- Fe: 5 mg/14 d
max 12 m - tabl 18
- R/
Medroxyprogesteronacetaat
- DEPO-PROMONE 50 mg/ml (Pfizer A. H.)
- medroxyprogesteronacetaat: 50 mg/ml
- steriele suspensie voor injectie sc
- Posologie:
- Ca:
- (< 45 kg LG): 50 mg
- (> 45 kg LG): 75 - 100 mg
Fe: 50 mg - fles 5 ml
- R/
- SUPPRESTRAL (Vétoquinol)
- medroxyprogesteronacetaat: 50 mg/ml
- suspensie voor injectie sc, im
- Posologie:
- Ca: 50 - 100 mg
Fe: 50 mg - fles 5 ml
- R/
Proligeston
- DELVOSTERON (Intervet)
- proligeston: 100 mg/ml
- suspensie voor injectie sc
- Posologie:
- Ca:
(< 5 kg LG): 30 mg/kg
(5 - 10 kg LG): 30-25 mg/kg
(10 - 20 kg LG): 25-17,5 mg/kg
(20 - 30 kg LG): 17,5-15 mg/kg
(30 - 40 kg LG): 15-12 mg/kg
(> 45 kg LG): 12 mg/kg
Fe: 30 mg/kg - fles 20 ml
- R/
Delmadinonacetaat
- TARDAK (Pfizer A. H.)
- delmadinonacetaat: 10 mg/ml
- suspensie voor injectie sc, im
- Posologie:
- Ca, Fe: 1 - 2 mg/kg
reu, kater:
- (< 10 kg LG): 1,5 - 2 mg/kg
- (10 - 20 kg LG): 1 - 1,5 mg/kg
- (> 20 kg LG): 1 mg/kg - fles 10 ml
- R/
Androgeenderivaten met progesteronactiviteit:
Altrenogest
- ALTRESYN 4 mg/ml (CEVA Santé Animale)
- altrenogest: 4 mg/ml
- oplossing po
- Posologie:
- Su (geslachtsrijpe gelt): 20 mg/dier pd (18 d)
- Vlees en organen: 24 d
- fles 360 ml
- R/
- REGUMATE 4 mg/ml opl po varkens (Intervet)
- altrenogest: 4 mg/ml
- oplossing po met het voeder
- Posologie:
- Su:
- primipare zeug: 5 ml pd (3 d)
- gelt: 5 ml pd (18 d) - Vlees: 24 d
- fles 360 ml, 1 l
- R/
- REGUMATE EQUINE (Intervet) - Bijsluiter via HMA -
- altrenogest: 2,2 mg/ml
- oplossing po (met het voeder)
- Posologie:
- Eq: 0,044 mg/kg pd (10 d)
- Vlees en afval: 21 d
Niet toedienen aan dieren waarvan de melk bestemd is voor humane consumptie - fles 150 ml
- R/
- VIRBAGEST (Virbac)
- altrenogest: 4 mg/ml
- oplossing po met het voer
- Posologie:
- cyclische gelt: 20 mg/dier pd (18 d)
- Vlees en orgaanvlees: 24 d
- fles 450 ml, 900 ml
- R/
