subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link
subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link
subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link
subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link
subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link
subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link
subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link
subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link
Repertoriumsite en français

Middelen tegen braken

Maropitant
Metoclopramide

Maropitant

Specialiteiten

Indicaties
Bij de hond zijn zowel de tabletten als de oplossing voor injectie met maropitant geïndiceerd voor de preventie en behandeling van braken. Het gebruik van maropitant voor braken bij chemotherapie is doeltreffender wanneer het preventief wordt toegediend. De tabletten zijn eveneens geïndiceerd voor de preventie van braken veroorzaakt door reisziekte. Een behandeling van braken dient gepaard te gaan met gepaste ondersteunende maatregelen (dieetcontrole, vloeistoftherapie) en met een behandeling van de onderliggende oorzaak.
Bij de kat is de oplossing voor injectie geïndiceerd voor de behandeling van braken, in combinatie met andere ondersteunende maatregelen of voor de preventive van braken en ter vermindering van misselijkheid, behalve misselijkheid veroorzaakt door reisziekte.
Farmacodynamie
Maropitant is een selectieve neurokinine-receptor-antagonist en inhibeert de binding van substance P. Substance P wordt beschouwd als de belangrijkste neurotransmitter betrokken bij braken. Door zijn werking ter hoogte van het braakcentrum is maropitant effectief tegen neurale en humorale oorzaken van braken. De bijsluiter waarschuwt dat symptomen zoals overmatig speekselen en lethargie die gepaard gaan met misselijkheid, kunnen blijven bestaan tijdens de behandeling. Maropitant heeft geen sederende eigenschappen.
Farmacokinetiek
De kinetiek van maropitant is na orale toediening niet-lineair, na subcutane injectie lineair. De biologische beschikbaarheid na orale toediening bedraagt 23,7% en 37,0%, resp. voor de lagere en hogere dosering. Na sc-injectie is dit rond de 90% bij de hond en kat . De plasma-eiwitbinding is bij de hond en de kat groter dan 99%. De interindividuele variatie voor farmacokinetische parameters na orale toediening is groot. Metabolisatie gebeurt in de lever door cytochroom P450. Zowel na orale toediening als na sc-injectie worden effectieve plasmaspiegels bereikt na 1 h. Eliminatie gebeurt voor minder dan 1% door de nieren.
Contra-indicaties
De veiligheid van het product werd niet vastgesteld bij pups jonger dan 16 weken voor de hogere dosering met de tabletten of 8 weken voor de lagere dosering met tabletten of voor toediening van de injectievloeistof, of bij kittens jonger dan 16 weken en bij drachtige en lacterende dieren.
Bijwerkingen
Bij toediening van de hogere dosis bij de hond (preventie van braken bij reisziekte) kan braken optreden binnen twee uur na de (orale) toediening. De injectie is pijnlijk vooral bij de kat. Afkoelen van de injectieoplossing (koelkasttemp.) kan pijn bij injectie voorkomen. In zeer zeldzame gevallen kunnen anafylactische reacties optreden.
Interacties
Maropitant heeft affiniteit voor Ca-kanalen en dient derhalve niet gelijktijdig toegediend te worden met Ca-kanaalantagonisten. Maropitant bindt in hoge mate met plasma-eiwitten en kan concurreren met andere stoffen die een hoge plasma-eiwitbinding vertonen.
Voorzorgen bij het gebruik
Toediening van de tabletten gebeurt best na opname van een weinig voedsel. Voorzichtigheid is geboden bij patiënten die lijden aan of gepredisponeerd zijn voor hartaandoeningen daar maropitant affiniteit heeft voor de Ca- en K-kanalen. Voorzichtigheid is eveneens geboden bij leverpatiënten.
Voortplanting en lactatie
De veiligheid van het product werd niet vastgesteld bij dracht of lactatie.

Specialiteiten

CERENIA 10 mg/ml (Zoetis) - Bijsluiter via EMA -
maropitant (citraat monohydraat): 10 mg/ml
oplossing voor injectie sc
Posologie:
Ca, Fe: 1 x pd 1 mg/kg (max 5 d)
fles 20 ml
R/
CERENIA 16 mg, 24 mg, 60 mg, 160 mg (Zoetis) - Bijsluiter via EMA -
maropitant (citraat monohydraat): 16 mg, 24 mg, 60 mg, 160 mg
tablet po
Posologie:
Ca behandeling en preventie van braken:
1 x pd 2 mg/kg (max 5 d)
Ca preventie reisziekte:
1 x pd 8 mg/kg (max 2 d)
tabl 4
R/

Top van de pagina

Metoclopramide

Specialiteiten

Indicaties
Symptomatische behandeling van braken en verminderde gastro-intestinale motiliteit geassocieerd met gastritis, pylorus-spasme, chronische nefritis en digestieve intolerantie voor bepaalde geneesmiddelen.
Farmacodynamie
De anti-emetische werking van metoclopramide is voornamelijk het gevolg van zijn antagonistische werking bij D2 receptoren in het centrale zenuwstelsel en voorkomt braakneigingen en braken veroorzaakt door de meeste stimuli. Het prokinetische effect op de gastro-duodenale doorvoer (verhoging in intensiteit en ritme van de maagcontracties en opening van de pylorus) is te wijten aan het muscarine activiteit, de activiteit van de D2 receptor antagonist en en de 5-HT4 receptoragonist activiteit op gastro-intestinaal niveau.
Farmacokinetiek
Metoclopramide wordt snel en volledig geabsorbeerd na parenterale toediening. Na subcutane toediening aan honden en katten worden de maximumconcentraties na 15 – 30 minuten bereikt. Metoclopramide wordt snel gedistribueerd naar de meeste weefsels en vloeistoffen en passeert de bloed-hersen-barrière. Metoclopramide wordt gemetaboliseerd door de lever. De uitscheiding van metoclopramide is snel. Bij de hond wordt 65% van de dosering binnen 24 uur uitgescheiden (voornamelijk via de urine).
Contra-indicaties
Niet gebruiken bij gastro-intestinale perforatie of obstructie. Bij dieren met epilepsie toepassing vermijden.
Bijwerkingen
In zeldzame gevallen kunnen extrapiramidale stoornissen (agitatie, ataxie, abonormale lichaamshouding en/of bewegingen, prostratie, tremor en agressie, vocalisatie) vastgesteld worden die van voorbijgaande aard zijn en verdwijnen na het stopzetten van de behandeling. In zeldzame gevallen zijn allergische reacties vastgesteld.
Interacties
In geval van gastritis moeten anticholinerge geneesmiddelen (atropine) vermeden worden, omdat ze het effect van metoclopramide op de gastro-intestinale motiliteit kunnen tegenwerken. Er is geen contra-indicatie voor het gebruik van anticholinerge geneesmiddelen in geval van gelijktijdige diarree. Gelijktijdig gebruik met neuroleptica die van phenotiazine (acepromazine) en butyrofenonen zijn afgeleid, verhoogt het risico op extrapiramidale effecten. Metoclopramide kan de werking van depressiva van het centrale zenuwstelsel versterken. Wanneer zulke stoffen gelijktijdig toegediend worden, moet de laagste dosering van metoclopramide gebruikt worden om een overmatige sedatie te voorkomen.
Voorzorgen bij het gebruik
Bij dieren met een verminderde lever- of nierfunctie moet wegens een verhoogd risico op bijwerkingen, de dosis worden aangepast. De dosering nauwgezet opvolgen, in het bijzonder bij katten en kleine fokhonden.
Voortplanting en lactatie
De veiligheid van het product werd niet nagegaan bij de doeldieren. Bij labdieren werden geen teratogene of foetotoxische bijwerkingen vastgesteld. Bij dracht of lactatie moet het product gebruikt worden na een risicobatenanalyse.

Specialiteiten

EMEPRID 1 mg/ml (Ceva Santé Animale) - Bijsluiter via FAGG -
metoclopramide hydrochloride: 1 mg/ml
oplossing po
Posologie:
Ca, Fe: 0,5 - 1 mg/kg pd
fles 125 ml
R/
EMEPRID 5 mg/ml (Ceva Santé Animale) - Bijsluiter via FAGG -
metoclopramide hydrochloride: 5 mg/ml
oplossing voor injectie iv, im, sc
Posologie:
Ca, Fe: 0,5 - 1 mg/kg pd (in 2 of 3 injecties)
fles 10 ml
R/
VOMEND ANTI-EMETICUM 5 mg/ml (Eurovet A.H.) - Bijsluiter via FAGG -
metoclopramidehydrochloride (monohydraat): 5 mg/ml
oplossing voor injectie im, sc
Posologie:
Ca, Fe: 0,5 mg/kg (eventueel herhalen na 6 - 8 h)
fles 10 ml, 20 ml
R/

 

Top van de pagina

 

 

© BCFI - project diergeneeskunde

BCFIvet
Inhoud site | Het B.C.F.I. | Contact | Inleiding | Disclaimer
subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link
subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link
subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link
subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link
subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link
subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link
subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link
subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link